De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is ontworpen om mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis te laten wonen en deel te laten nemen aan de maatschappij. In dit artikel leggen we uit wat de Wmo inhoudt, welke voorzieningen er beschikbaar zijn en hoe u een aanvraag kunt doen.
Wat en voor wie is de Wmo?
De Wmo is bedoeld voor mensen die met extra voorzieningen zelfstandig thuis willen blijven wonen en actief willen blijven in de maatschappij. Deze voorzieningen kunt u aanvragen bij uw gemeente.
Voorzieningen onder de Wmo
Onder de Wmo vallen verschillende voorzieningen, zoals:
- Vervoersvoorzieningen (bijvoorbeeld scootmobiel of regiotaxi)
- Huishoudelijke hulp (zoals hulp bij het opruimen en schoonmaken)
- Individuele begeleiding
- Woningaanpassingen (zoals een traplift, het weghalen van drempels, elektrische deuropeners)
- Dagbesteding op maat
- Ondersteuning van mantelzorgers
Het doen van een melding
Als u denkt in aanmerking te komen voor een van de voorzieningen, kunt u een melding doen bij uw gemeente. De gemeente onderzoekt vervolgens uw situatie en beoordeelt wat u nodig heeft. De gemeente hoeft echter alleen te compenseren tot het punt dat u op een vergelijkbare manier als personen zonder beperking kunt participeren. Hierbij wordt rekening gehouden met uw persoonlijke omstandigheden en moet de ondersteuning in redelijke verhouding staan tot uw situatie voorafgaand aan de ondersteuningsbehoefte.
Zorg in natura of pgb
Als u in aanmerking komt voor een voorziening, kunt u meestal kiezen tussen zorg in natura of een persoonsgebonden budget (pgb).
- Zorg in natura: U ontvangt ondersteuning van een aanbieder die een contract heeft met uw gemeente. De zorgaanbieder regelt het contact met de gemeente en u hoeft geen administratie bij te houden.
- Persoonsgebonden budget (pgb): U kunt zelf bepalen wie u ondersteunt. Dit betekent wel dat u zelf overeenkomsten moet sluiten met uw ondersteuners en een administratie moet bijhouden. Gemeenten kunnen voorwaarden stellen aan het gebruik van een pgb om te waarborgen dat u de juiste ondersteuning krijgt.
Van melding naar aanvraag
Nadat u een melding heeft gedaan, heeft de gemeente zes weken de tijd om onderzoek te doen. Na afronding van het onderzoek of na het verstrijken van de zes weken, kunt u een aanvraag op grond van de Wmo doen. De gemeente heeft dan twee weken om een besluit over uw aanvraag te nemen.
Het verschil tussen een melding en een aanvraag is belangrijk. Na een aanvraag is de Algemene wet bestuursrecht van toepassing en heeft u meer rechtsbescherming.
Het besluit
Naar aanleiding van uw aanvraag dient de gemeente een besluit te nemen. Een besluit is een schriftelijke beslissing van uw gemeente over uw aanvraag. In het besluit staat of de gevraagde voorziening wordt verstrekt, voor welke periode en in welke omvang. Bijvoorbeeld: een besluit kan zijn dat er voor een periode van één jaar 2,5 uur per week hulp bij het huishouden wordt verstrekt.
Niet eens met het besluit? Maak bezwaar!
Als uw aanvraag wordt afgewezen of als u minder ondersteuning krijgt dan aangevraagd, kunt u binnen zes weken na het besluit bezwaar maken.
In de bezwaarprocedure kunt u aangeven waarom u het niet eens bent met het besluit. U krijgt de gelegenheid om aanvullende stukken in te dienen en uw standpunt tijdens een (telefonische) hoorzitting toe te lichten. De bezwaarmedewerker van de gemeente beoordeelt dan of de gemeente zich aan alle regels heeft gehouden en of uw situatie goed in kaart is gebracht.
Hoe kan JUROP u helpen?
Hoewel het niet verplicht is om een advocaat in te schakelen voor een bezwaarprocedure, kan dit wel verstandig zijn vanwege de complexe regelgeving binnen de Wmo. Naast de Wmo zijn er namelijk ook verordeningen, beleidsregels en nadere regels van toepassing. Bovendien moet de Algemene wet bestuursrecht gevolgd worden. Daarom is het verstandig om JUROP in te schakelen voor deskundige hulp.
Wilt u bespreken hoe JUROP u kan helpen? Neem dan contact op via de check, laat een terugbelverzoek achter of stuur een e-mail naar info@jurop.nl
